Home Columns "09 - "10 14 Verborgen juwelen
14 Verborgen juwelen Print E-mail
Written by Ton Wilhelm   
Wednesday, 17 February 2010 16:48

Zo nu en dan stuiten we weer eens op iets onverwachts in onze directe omgeving. Aanleiding is dit keer het verzoek van een koorlid om eens te kijken naar een Nederlandse tekst in een brochure over een Romaans kerkje in het dorp waar zij wonen. Nu struikel je hier over de Romaanse kerkjes (waarvan velen ook zeker niet onaardig) waardoor mijn belangstelling niet direct op scherp staat. Vervolgens duurt het geruime tijd voor ik de betreffende tekst ontvang. Als ik er een eerste blik op werp valt me al meteen het komische taalgebruik op dat dikwijls ontstaat door het gebruik van een vertaalmachine. Zeker in het geval er iets gespecialiseerd technisch aan de orde is, zoals hier betreffende de architectuur, ontstaan er wonderlijke constructies. Even goed Nederlands hiervan maken lijkt geen probleem. Snel aan de slag dus.
Maar dan valt het alsnog tegen. Samen met de Franse dame die mij nog les geeft kom ik namelijk eveneens niet uit de Franse tekst. Dat de vertaalmachine hiervan niets kon bakken is dus niet helemaal onlogisch. Dus ik laat weten dat ik de nieuwe tekst best wil maken, maar pas als ik ter plekke heb kunnen bekijken waarover nu eigenlijk geschreven wordt.
Dat is geen bezwaar en we maken een afspraak voor de bezichtiging. Daarbij blijkt dat het koorlid dat mij deze dienst vroeg, voorzitter is van het comité dat al vijftien jaar met de restauratie bezig is. Ze vindt het erg leuk dat ik wil komen kijken en nodigt mij daarom uit om aansluitend bij hen de lunch te gebruiken. Het kost niet veel moeite om me tot zoiets over te halen.

Op de betreffende dag rijd ik naar het tamelijk afgelegen liggende dorp Droiturier. Ook dat blijkt niet eenvoudig omdat men in de omgeving met reusachtige werken bezig is voor toekomstige viaducten tussen heuvels voor de toekomstige snelweg. Nadat de TomTom mij twee keer wegen in heeft gestuurd die nu op gigantische

zandhopen dood blijken te lopen zie ik zowaar een bordje rechts af naar Droiturier. Dat is een tijdelijke weg die de TomTom weer niet kent. Enfin, we arriveren. Dat wil zeggen: ik heb begrepen dat mijn kennis aan de rand van het dorp woont in een huis met “colonnades”. Een vakwerkhuis dus. Een paar keer rijd ik heen en weer voordat ik door heb dat de dorpskom die ik drie keer passeer tegelijkertijd het hele dorp is. Voordeel is natuurlijk dat men in de lokale kroeg direct het huis kan aanwijzen als ik de naam noem van degene die ik zoek. Een mooi karakteristiek huis is het, van rotsstenen gebouwd en waarvan het oudste deel dateert uit de vijftiende eeuw, zoals me al direct bij binnenkomst verteld wordt. Een rondleiding wordt me beloofd voor straks. Nu gaat het eerst om de Romaanse kerk.

Dat blijkt in vele opzichten een juweel te zijn dat tot nu toe in deze uithoek niet met overdadig bezoek te maken had. Al in de elfde eeuw werd hier een klein Benedictijner klooster gesticht waar de kerk onderdeel van uit maakte. Was het eerst de abdij van Mozac in de Auvergne die door Paus Alexander de derde in 1165 werd aangewezen om dit kloostertje onder de hoede te nemen, later sloot het klooster met de verbazend grote kerk zich aan bij Cluny. Cluny groeide razendsnel door de bijzondere positie die het dank zij Willem de Vrome verkreeg. Stonden dit soort kloosters in die tijd normaal gesproken onder het uiteindelijke bestuur van de wereldlijke koning, Willem schonk gebouwen en land aan het klooster en verordonneerde dat ze alleen rechtstreeks aan de Paus in Rome verantwoording schuldig waren. Gezien de moeilijk overbrugbare afstanden in die tijd betekende dit feitelijk onafhankelijkheid. (De z.g. Romana Libertas of Romeinse vrijheid.) Deze onafhankelijkheid werd door de eerste abten van Cluny gebruikt om de Benedictijner regel “Ora et Labora” (bid en werk) streng in praktijk te brengen. Vele bestaande kloosters konden zich in deze ideeën vinden en de een na de ander sloot zich aan waardoor het uiteindelijk een beweging was die zich over een groot deel van Europa uitstrekte. De groeiende macht corrumpeerde echter eveneens en leidde uiteindelijk tot een positie die door nieuwe wereldlijke machthebbers met lede ogen werd aangezien. Later wist de Franse koning bij Paus Leo X te bewerkstelligen dat hij het recht kreeg de abt te benoemen. Dat leidde tot een eind aan de vrijheid. (Over Cluny kom ik nog wel een keer te vertellen.)

Het kleine klooster in Droiturier bracht de Benedictijner regel eveneens streng in praktijk, tot heil ook van de lokale bevolking. Helaas werd de grote kerk voor een groot deel door brand verwoest. Na reparatie en deels wederopbouw in de vijftiende eeuw bleef slechts de helft van de oude kerk over. Ook hierin zijn nog vele mooie details te aanschouwen. De tromp l’œil (bedriegen van het oog; ofwel geschilderde elementen die er soms tot op korte afstand nog bedrieglijk echt uit zien) en in die tijd soms uitbundig toegepast, speelt ook vandaag de bezoeker hier soms nog parten. Alleen al het beschilderde houten beeld van Sint Nicolaas en de in marmer gebeeldhouwde legende van Sint Nicolaas zijn zeer de moeite waard. Met de privérondleiding die mij ten deel viel kon ik uitgebreid van werkelijk alle details kennis nemen. Een mooi element is ook de oude bakoven aan de achterzijde van de kerk gebouwd. Voor monniken en bewoners van de omgeving kon hier het brood worden gebakken.

Terug in het huis werden me daarvan tijdens de borrel al snel de fotoboeken getoond. Onvoorstelbaar wat hier ook weer een werk is verzet. Zo werden de van rotsstenen gebouwde dikke muren ooit door een modernist van een laag beton voorzien. Stuk voor stuk is alles er nu weer afgebikt om het oorspronkelijke mooie aanzien terug te brengen. Op de vraag welk bedrijf deze klussen geklaard had werd me medegedeeld dat dit echtpaar dit alles samen heeft gerestaureerd. “Had uw beroep dan iets met de bouw van doen?” Nee, Noël was journalist en lange tijd gestationeerd in Rome bij een internationaal persbureau. Vele vakanties werden de laatste jaren van het arbeidzame leven gebruikt om de grootste klussen te klaren. Alles bij elkaar schatten zij dat er nu twintig jaar werk in dit huis is gestoken. Je mag hopen dat het huis na hen in handen komt van echte liefhebbers die het ook weer fulltime willen bewonen. En juist dat is nogal eens een probleem in Frankrijk.

TON WILHELM

NB De echt geïnteresseerde die de volledige tekst over het kerkje van Droiturier zou willen lezen kan die per e-mail toegestuurd krijgen als daar even om wordt gevraagd.