Home Columns "10 - "11 2 Markt II
2 Markt II Print E-mail
Written by Ton Wilhelm   
Friday, 15 October 2010 14:53

Afgelopen week vertelde ik over de markten. Uiteraard zijn wij inmiddels vaste klant op diverse weekmarkten. We kennen de diverse handelaren en weten waar we voor diverse producten terecht kunnen. Vooral de kleine boeren met producten zo van het land zijn daarbij bij ons favoriet. Op een van de mooiste weekmarkten van de wijde omgeving, in het aardige stadje Marcigny, is er recent een marktstal bij gekomen die op het eerste gezicht merkwaardig aandoet hier. Twee Hollandse vrouwen die hier staan met, jawel, Hollandse kaas. Ze hebben inmiddels vaste plek verkregen op een aantal markten in de regio. Je vraagt je toch af of er in dit land met z’n paar duizend kaassoorten en vele kaastradities wel plaats is voor de puur Hollandse producten die zij hier aan de man proberen te brengen.
Hun simpele en logische verklaring is dat er juist in deze veelheid altijd wel plaats is voor een nieuw product. Ze sluiten aan bij een nationale traditie en men weet hen inmiddels meer en meer te vinden. Nu houden wij juist erg van de Franse culinaire tradities en zeker ook van vele Franse kaassoorten. Het enige wat we door een meer dan een halve eeuw ingeslepen gewoonte wel misten was de mogelijkheid om een stukje brood met Hollandse kaas te beleggen. Je laat eens wat insealen in Nederland, maar dat lijkt toch niet al te lang de kwaliteit te behouden, laat staan als dan blijkt dat het pakketje inmiddels lek is.
Logisch dus wel dat we inmiddels vaste klant beginnen te worden bij de dames en –zoals

 gezegd- is een bezoek aan de markt in Marcigny al een uitje op zich.
Vast onderdeel op deze markt is de hoek met levend gevogelte, konijnen, geiten etc. etc. De handel is er altijd levendig van aard en het is leuk om er een tijdje rond te kijken. We volgden recent dan ook geïnteresseerd de onderhandelingen over een groot uitgevallen kippensoort. Na enige tijd praatjes en onderhandelen was men het eens over de koop. De handelaar was ook gelukkig met deze verkoop en greep de kip dan ook snel bij de lurven om hem uit de kooi met soortgenoten te trekken. Iets te vlug, want het vervoer was nog niet geregeld. Daar maakte de handelaar zich niet al te druk om, hoewel het niet handig bleek om met in de ene hand een fladderende kip een soort van verhuisdoos in elkaar te vouwen. Ieder die dit wel eens met vrije handen gedaan heeft weet hoe lastig het dan al kan zijn om de vier kleppen die de bodem moeten vormen in de juiste volgorde in elkaar te schuiven. De kip die mee zwierf met de bewegingen maakte het er niet makkelijker op door voluit in protest te gaan. De handelaar dacht niet aan opgeven en uiteindelijk werd de strijd in zijn voordeel beslist. De kip verdween in de doos en de bovenkant werd eveneens dicht gevouwen en vastgeplakt.
…………………!? 
Zo’n kip moet natuurlijk ook wel kunnen ademen. Een volledig dichte doos maakt de kans op overleven niet al te groot. Je zag hem denken: merde!  Maar ook dit werd eenvoudig opgelost. Een groot mes werd met kracht in de doos gestoten. Kennelijk had de kip hieraan nog weten te ontkomen, want we hoorden geen kreten en er kwam geen bloed aan te pas. Met geknepen tenen keken wij toe hoe een langwerpig raampje in de doos werd gezaagd. Ook dit leek de kip verder geen schade te berokkenen. Opluchting dus bij de kip en bij ons. De nieuwe eigenaar kon met zijn aanwinst op huis aan. Hij verdween in het gedrang van de markt. Het laatste wat we zagen was dat een van de bodemkleppen losliet en onder de doos bungelde. Of hij zijn vervoer en huis heeft gehaald zonder achter zijn kip aan te moeten weten we jammer genoeg niet. Op ons wachtte inmiddels de lunch bij een restaurantje aan de markt: kip!


TON WILHELM